Brussel, tweede meest kosmopolitische stad ter wereld?

Activiteit 5: De bevolking van buitenlandse origine en de Brusselse arbeidsmarkt

Bij de vorige activiteit zag je dat, naargelang hun sociaal-economisch profiel, de bevolkingsgroepen van buitenlandse origine de neiging hadden zich te vestigen in welbepaalde wijken, en zo de sociaal-ruimtelijke dualisering versterkt wordt tussen de bewoners van de "arme sikkel" en die van de gemeenten in het Zuidoosten van het gewest.

De sociale impact van discriminatie

De mensen die in de arme wijken van de stad leven, zijn vaak slachtoffer van discriminatie wanneer ze een huurappartement zoeken of werk zoeken. Verschillende studies hebben aangetoond dat met een gelijkwaardige opleiding Brusselaars minder kans hebben om werk te vinden als ze in een arme wijk wonen dan wanneer ze in een meer begoede wijk van Brussel wonen.

Dat komt vooral door de moeilijkheid om een sociaal netwerk te mobiliseren om hen te helpen, maar ook door de discriminatie bij aanwervingen waarvan mensen van buitenlandse oorsprong vaak het slachtoffer zijn. In 2017 toonde UNIA, de Belgische overheidsinstelling die opkomt voor gelijkheid van kansen en tegen discriminatie, in zijn jaarrapport "Stilstand is geen optie" aan dat etnische criteria de belangrijkste grond van discriminatie vormen bij aanwervingsprocedures. 


In Brussel stelt Actiris, het Gewestelijk orgaan belast met het tewerkstellingsbeleid, nog altijd een sterke discriminatie vast bij aanwervingen: personen van Afrikaanse en Maghrebijnse origine tonen een werkloosheidsgraad die driemaal zo hoog is als bij Brusselaars van Belgische origine, zoals je in de volgende grafiek kan vaststellen:

De werkloosheidsgraad in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in 2008 en 2014, volgens etnische afkomst

Werkloosheidsgraad in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor de 20 tot 64 jarigen, volgens origine. © UNIA, Socio-economische monitoring 2017: arbeidsmarkt en origine. Beschikbaar online.

Etnische origine op zich is niet het enige criterium dat die werkloosheidsgraad verklaart. Die is ook sterk gecorreleerd met het opleidingsniveau en verbonden met een onderwijssysteem dat moeite heeft om de ongelijkheden te compenseren.

Onderwijssegregatie en de reproductie van ongelijkheid

De jongeren die in de arme wijken van Brussel wonen lijden sterk onder de sociale dualisering en de ongelijkheid die eruit voortkomt. Dat is in het bijzonder zichtbaar in het onderwijssysteem: daar kan men spreken over ware schoolsegregatie. 

De PISA-onderzoeken (Programme for International Student Assessment) die elke drie jaar in opdracht van de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) de competenties van de leerlingen onderzoeken, tonen dat wie ouders of grootouders heeft die niet in België geboren zijn vaak meer moeilijkheden ondervindt op school. Ze zijn zelfs dubbel slachtoffer, want bovenop het nadeel dat ze kunnen ondervinden omdat ze geboren zijn in een gezin dat geen school heeft gelopen in België, gaan ze ook vaak naar een school die hen minder kansen op leerwinst biedt. Dat is te wijten aan een aantal kenmerken van het onderwijssysteem, zoals het zittenblijven en het heroriënteren naar technische of beroepsscholen, naar richtingen die, in tegenstelling tot wat hun naam laat vermoeden, niet altijd de "nuttigste" zijn om in Brussel werk mee te vinden. Kinderen met een migratie-achtergrond zijn ook oververtegenwoordigd in de groep jongeren die de school verlaten zonder diploma.

Volgens onderzoekers, het Brussels onderwijs slaagt er dus niet in om zijn leerlingen met een migratie-achtergrond op hetzelfde prestatieniveau te brengen als de andere leerlingen, en zorgt dus niet voor gelijke kansen  voor jongeren op de arbeidsmarkt.

Om deze inzichten beter te begrijpen, nodigen we je uit om deze video te bekijken, gemaakt in november 2019. Die stelt de belangrijkste uitdagingen van het onderwijssysteem van de Franse Gemeenschap voor.

(Vergeet niet de ondertitels te activeren door op het CC-icoontje te klikken en dan op  te klikken om Nederlands te kiezen!)

 


Nu kunnen we beter begrijpen waarom de verschillen op het vlak van werkloosheidsgraad zo groot zijn tussen personen van Belgische origine, Brusselaars afkomstig van een Europese lidstaat en immigranten van buiten Europa.

Om je kennis over discriminatie te verdiepen, verwijzen we graag naar de artikelen van VERHAEGHE P.P., MASTARI L., 2018 alsook het rapport van Unia uit 2017 en de monitors van Actiris of Eurostat te lezen. De cijfers die we hier presenteerden komen uit deze documenten.

Een suggestie, commentaar of opmerking over deze activiteit? Klik hier!

Modifié le: vendredi 5 février 2021, 16:08